Praten of zwijgen? In gesprek na een heftige gebeurtenis

9 juli 2018

« terug naar actueel

Verslagenheid, geloof en ongeloof. De schok in Epe was groot toen twee jongeren verongelukten. Na deze heftige gebeurtenis wisten veel jonge dorpsgenoten dominee Martin de Geus te vinden. Welk gesprek voerde hij met hen toen er geen woorden waren?

Martin de Geus, toen predikant in Epe en inmiddels in Ridderkerk, herinnert het zich nog precies: “Het was 1997. Robert-Jans ouders waren de ene dag nog op mijn verjaardag geweest, de volgende dag hoorde ik het nieuws over het ongeluk. Robert-Jan had een verkeerde inhaalmanoeuvre gemaakt op een tweebaansweg, hij was frontaal gebotst met een vrachtwagen. Hij zat samen met zijn vriendin Yvette in de auto. Hij was 21, zij 18.”

Schuilen


Martin kende Robert-Jan goed. “Hij had een actief sociaal leven, was een levensgenieter. Hij was enig kind. Zijn dood vergruisde heel veel toekomstperspectieven en plannen, ook van zijn ouders. Zijn ouders waren lid van de kerk. En met Robert-Jan had ik, hoewel hij weinig in de dienst kwam, regelmatig mooie gesprekken. Hij gaf vaak kritische beschouwingen over de kerk.”

Yvette had geen kerkelijke achtergrond, maar hij had haar elke dag in het ziekenhuis bezocht. Yvette’s ouders vroegen of Martin en de kerk een rol wilden spelen bij haar uitvaart. “Ze twijfelden eerst of zij daar wel een beroep op konden doen. Maar ik zei: ‘De kerk is een plek waar je kunt schuilen als het noodweer is. En dat is het nu. Dus voel je vrij.’”

“Beide uitvaarten hadden een heel persoonlijk karakter: er werden woorden van onbegrip en woede gesproken, er werd gezongen en gebeden. Bezoekers vonden dat heel bevrijdend, hoorde ik later: dat er in de kerk ook plek is voor verbijstering, dat je mag geloven op een manier die niet alles glad strijkt of God uit de wind houdt.”

Eerlijk


In de weken na het ongeluk hield Martin veel contact met vrienden en kennissen van Robert Jan en Yvette. “Delen met elkaar was bemoedigend en troostend. Na een herdenkingsbijeenkomst op de hockeyclub van Robert-Jan gingen we bijvoorbeeld naar het café. Daar praatten we erover hoe we zochten naar zin in deze ellende.”

Aanvankelijk kende hij lang niet alle jongeren omdat ze niet kerkelijk waren. “Maar als ik ze later tegenkwam op straat en ik herkende ze niet meteen, schoten ze mij aan. Een enkele keer kwam er zelfs iemand naar een kerkdienst. Wat wij met elkaar hadden gedeeld, had echt impact gehad.”

Ook onder kerkelijke jongeren zorgde het ongeluk voor veel gesprekken. “Vaak begon zo’n gesprek met een vraag als: ‘Wat is de rol van God hierin?’ Ik antwoordde altijd eerlijk dat ik geen idee had. Dat God - als Hij er is - mijn gedachten ver te boven gaat. En dat dat het eerste is wat we van God moeten leren. Dat Hij niet beantwoordt aan onze verlanglijstjes, maar toch een houvast is in de storm.”

“Ik sprak met de jongeren over iemand als Prediker. Hij was ook een zoeker, hij schreef erover dat je niet weet of snapt wat God doet. Hij kijkt naar de rauwe werkelijkheid. Soms vallen er een heleboel dingen weg, zekerheden waarvan je hoopte dat die er zouden zijn, en dan blijft er toch iets over.” Prediker werd ook het thema dat de ouders van Robert Jan kozen voor zijn uitvaart.


Niets zeggen


Hoe pakte hij als predikant het geloofsgesprek met de jongeren aan? “Het belangrijkste was dat ze hun behoeften bij mij kwijt konden. Ik hoorde hen en ik zag wat ze nodig hadden. Dat klinkt als maatwerk, maar het betekende vooral dat ik moest aanvoelen wanneer ik juist niets moest zeggen. Het is moeilijk om je mond te houden, want je wilt zo graag hoop bieden op momenten dat er geen hoop is. Maar in de auto van Epe naar Zwolle heb ik me heilig voorgenomen om dát niet te doen.”

Cruciaal was ook dat hij liet merken hoe verslagen hij zelf was, merkte hij destijds. “Ik deelde iets van mijn eigen woede en verdriet. Jongeren zagen dat ik er zelf ook mee in gevecht was. Ik zocht hen niet op als hulpverlener, maar als mens die dit samen met hen doormaakte.”

Tegelijkertijd kon hij mensen door zijn ambt net een stap verder helpen: “Het vormgeven van de uitvaart samen met de ouders én de jongeren, het aanreiken van een bijbeltekst, een ander perspectief, dat gaf houvast aan hen én mij. Ik was niet alleen drager van een ambt, ik werd zelf ook door het ambt gedragen.”

Bijzondere plek


“Of jongeren hun geloof in God verloren door deze gebeurtenis? Nee. Ik denk dat er eerder jongeren die níet bij kerk of geloof betrokken waren, gedacht hebben: ‘Dit is een bijzondere plek, hier kun je je verdriet delen, deze mensen hebben wat in huis waaraan je je toch aan op kunt trekken.’ Op zo’n absoluut moment deel je waar het ten diepste om gaat. Niet om alle rituelen en manieren van doen, hoe mooi die ook zijn, maar om het delen van dit soort intense belevingen en ervaringen. Niet dat deze jongeren kerkelijk geworden zijn, maar ze zijn toch zeker diep geraakt. En dat blijft bij.”

Dit artikel is een ingekorte versie van het artikel dat a.s. vrijdag 13 juli verschijnt in magazine Jong Protestant, nummer 3. Ontvang je het magazine nog niet? Je kunt dit gratis aanvragen via www.jop.nl/magazine. Wil je ook nummer 3 nog ontvangen, stuur dan een mail naar info@jop.nl.

 

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van JOP. Meld je hier aan.

jop.nl maakt gebruik van cookies.
De website van JOP gebruikt cookies en daarmee vergelijkbare technieken om de kwaliteit van de website te verbeteren en jou een optimale bezoekerservaring te bieden. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube en Twitter. Deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen.