Werkvormen voor
jouw jeugdwerk

De kloof

Naar overzicht werkvormen

Over de parabel van de rijke man en de arme Lazarus. Door te lezen, vragen te bespreken en een bijbel-commentaar ontdek je samen de betekenis van deze parabel. Hoe wil Jezus dat we omgaan met de kloof tussen rijk en arm?

De parabel over de arme Lazarus en de rijke man (Lukas 16) gaat over de mens die het helemaal gemaakt heeft en de mens die een complete 'loser' is. Wat wil Jezus van Nazaret duidelijk maken met deze gelijkenis? In dit programma proberen we daar een antwoord op te vinden. Volg de stappen die zijn uitgezet en vertel elkaar aan het eind wat volgens jou de betekenis is van de parabel.

Dit programma is geschikt voor kleine groepen en grotere groepen. Bij grotere groepen moet je er wel rekening mee houden dat je wat meer tijd plant dan staat aangegeven voor de gesprekken.

Nodig:
- Kopieën van de parabel
- Rode potloden (pennen)
- Andere kleur potloden (pennen)
- Kopieën van de uitleg.

Korte inleiding (10 minuten)

Iedereen kent de termen 'winners' en 'losers' wel. Zonder losers geen winners, zou je kunnen zeggen. Maar wie bepaalt of je een winner of een loser bent? Jezus probeert dat met het vertellen van een gelijkenis uit te leggen. Voordat de gelijkenis wordt 'onderzocht', volgt eerst een waargebeurd verhaal.

Lees het verhaaltje 'Waar gebeurd' voor en vraag de jongeren te reageren op de stelling: "een 'winner' houdt nooit rekening met de gevoelens van anderen".

Waar gebeurd 
"Op een middelbare school wordt kookles gegeven. De kleinste van de groep bakt een cake. De leider van de klas meent een geintje uit te moeten halen en voegt aan het glazuur wat schoonmaakmiddelen toe. De kleinste eet van de cake en wordt ziek. De leider heeft gepocht over zijn daad en wordt door de schoolleiding ter verantwoording geroepen.
"Zou jij het leuk vinden als iemand jou zoiets flikte?" vraagt de schoolleiding aan hem.
"Dat zouden ze eens moeten wagen", is het logische antwoord."

De parabel (5 minuten)

Lees de parabel van de rijke mens en de arme Lazarus voor. Deel daarna de kopieën van de parabel uit.

Een parabel
En er was een zeker rijk mens
En hij ging gekleed in purper en fijn linnen
Zijn dagen doorbrengend in vreugde en pracht.

En een zekere arme, genaamd Lazarus,
Was bij de toegangsruimte tot diens huis gedeponeerd,
Met zweren overdekt en verlangend zich te verzadigen
met wat er van de tafel van de rijke viel,
Maar ook de honden kwamen en likten zijn zweren.

En het geschiedde dat de arme stierf
En dat hij door de engelen in de schoot van Abraham werd gedragen.
En ook de rijke stierf en werd begraven
en toen hij in de hel zijn ogen opsloeg
-en zijn pijn was groot-
zag hij Abraham van verre en
Lazarus in diens schoot.

En hij riep met kracht:
Vader Abraham,
heb medelijden met mij
en zend Lazarus,
Dat hij de top van zijn vinger
in water doopt en mijn tong verkoelt,
immers, ik heb pijn in deze vlam.
Maar Abraham zei:
Kind, herinner je dat
jij het goede hebt ontvangen
in jouw aardse leven
en Lazarus net zo het slechte;
en nu wordt hij dus getroost
maar jij hebt pijn;
En al met al, tussen ons
en jullie is een diepe kloof geslagen,
 zodat, wie het al zou willen,
van hier niet
naar jullie kan oversteken en
evenmin zij vandaar
naar ons overgaan.

Maar hij zei:
Dan vraag ik u,
 vader, dat u hem
naar het huis van mijn vader zendt,
want ik heb vijf broers.
Dan kan hij met kracht
bij hen getuigen opdat zij niet ook
naar deze folterplaats komen.
Maar Abraham zei:
Zij hebben Mozes en de Profeten,
naar hen moeten zij luisteren,
en hij zei:

Nee, vader Abraham,
pas als iemand van de doden
naar hen toekomt,
zullen zij tot inkeer komen,
maar hij zei tegen hem:
als ze naar Mozes en de Profeten
niet luisteren,
zullen ze,
ook als iemand opstaat uit de doden,
zich niet laten overtuigen.

(Jezus van Nazaret, gelijkenis te vinden in Lukas 16. Vertaling: Albert Ferwerda)

Samen lezen (15 minuten)

Laat de jongeren met een rood potlood (pen) een zin onderstrepen die hen aanspreekt. Hetzelfde doen ze met een zin die hen niet aanspreekt, nu met een andere kleur potlood (pen). Vraag waarom de zinnen wel of niet aanspreken.

Uitleg (20 minuten)
Een stukje uitleg kan helpen bij het vinden van een antwoord op de vraag wat Jezus met deze parabel heeft bedoeld. Deel de kopieën van de uitleg hieronder uit. In de uitleg wordt een aantal vragen gesteld. Geef de jongeren de tijd om de uitleg te lezen en de vragen te beantwoorden. Bespreek met elkaar de antwoorden op de vragen. Daarna ga je naar de volgende twee slotvragen:

Vraag: Hoe denken jullie, na het lezen van de korte uitleg, over de zinnen die jullie niet aanspraken?
Slotvraag: Wat wil Jezus met deze parabel duidelijk maken?

DE UITLEG:

Purper en fijn linnen 
Kostbare stoffen waar mooie kleding van werd gemaakt.
Van oudsher geldt al de regel dat kleren de man maken.
Vraag: Hoe belangrijk is kleding voor jou om te bepalen wie een 'loser' is?

Een arme, genaamd Lazarus
Lazarus betekent 'God Helpt'. Het is opvallend dat de man Lazarus de enige persoon is in alle gelijkenissen van Jezus die een naam krijgt.

Gedeponeerd
Bedelaars waren in Jezus' tijd vaak mensen die een gebrek hadden: melaats of verlamd. Ook door mensen die hen welgezind waren, werden ze vaak gezien als een stuk vuil. Dat is de reden waarom ik (AF) in deze vertaling heb gekozen voor het werkwoord 'deponeren'. Als een stuk vuil werd Lazarus gedeponeerd!

Tegenwoordig zijn bedelaars vaak mensen die geestelijk ziek zijn of door verslaving (drugs en/of alcohol) in hun situatie verzeild zijn geraakt.

Vragen:
- Wat doe je als je een bedelaar ziet, loop je met een boog om haar/hem heen?
- Geef je ze geld, eten?

De arme werd door engelen in de schoot van Abraham gedragen.
In de tijd van Jezus was het een bekende voorstelling dat in het hiernamaals de vromen in de nabijheid van de heiligen (met Abraham voorop) mochten voortleven. Hier sluit Jezus bij aan in Zijn verhaal. Van begraven is geen sprake; de vrome persoon wordt over de doodsrivier getild. De ‘hemel' heeft iets huiselijks. De arme persoon is hier de vrome, dat is een voorstelling die we ook in het Oude Testament vinden, vooral in de Psalmen.

De rijke werd begraven en sloeg in de hel zijn ogen op.  
De rijke wordt begraven; geen kans voor hem om de doodsrivier over te steken. Hij wordt wakker in de hel. Het jodendom kende het dodenrijk, populair voorgesteld met twee afdelingen. In deze gelijkenis wordt het Griekse woord gebruikt, de plek waar het eeuwige vuur brandt. De 'hel' is een plaats van hitte en verschrikking.

Hemel en hel zijn begrippen die als tegenstellingen in de bijbel nauwelijks voorkomen. Het tegenover van de hemel is in bijbelse termen de aarde. De hel komt maar enkele keren voor, meestal gedacht in het diepste van de aarde (vandaar de hitte?). Het gaat hier niet om 'werkelijkheid' maar om een gelijkenis. Ook wij spreken in beelden. Mensen die niet in de hel geloven, kunnen ook iemand naar de hel wensen.

Vader Abraham, heb medelijden met mii en zend Lazarus.
Als je spreekt over 'winners' en 'losers', zul je zien dat de 'winners' altijd de 'losers' als hun hulpjes gebruiken. Ze stellen niets voor maar ze moeten wel naar de pijpen van hun kwelgeesten dansen. Abraham moet maar even regelen dat de rijke geholpen wordt, immers hij heeft pijn!
Vraag: Herken je dit beeld?

Het goede ontvangen en het slechte
In jodendom, christendom en islam wordt dikwijls het laatste oordeel voorgesteld als een weegschaal. Je aardse leven wordt in het hiernamaals in balans gebracht.
Vragen:
- Vind je het eerlijk dat iemand die op aarde rijk is, na dit leven arm wordt en andersom?
- Of zou Jezus bedoelen dat je in dit aardse leven moet leven alsof je een dergelijke weegschaal staat te wachten?
Dus dat je nu al je rijkdom/positie/macht moet delen?

Er is een diepe kloof geslagen
Er wordt vaak gesproken over een diepe kloof tussen rijk en arm. Jezus wijst ook al op die kloof maar dan andersom.
Vraag: Hoe vind je het dat het rijke boontje om zijn loontje komt?

'Het huis van mijn vader' 
Deze uitdrukking gebruikt Jezus ook voor de 'hemel'. 'Hemel' betekent voor Jezus meestal dat mensen het op aarde goed hebben met elkaar (vrede en gerechtigheid). De rijke man bedoelt het letterlijk maar door die uitdrukking te gebruiken, laat Jezus al zien dat het er om gaat dat de aarde een leefbare plek wordt. In het huis van de Vader past het niet dat de armen op de stoep van de rijken liggen.

Zij hebben Mozes en de Profeten.
Deze uitdrukking staat voor de bijbel zoals die toen onder de Joden werd gebruikt. Ook wel Wet en Profeten genoemd. Wet en Profeten wordt door Jezus zo samengevat: behandel mensen zoals je door hen behandeld wilt worden. De 'loser' wordt behandeld zoals geen 'winner' ooit behandeld wil worden.

Als ze naar Wet en Profeten niet luisteren, zullen ze, ook als iemand opstaat uit de doden, zich niet laten overtuigen.
Dit is een knipoog van Lukas (die als enige deze gelijkenis vermeldt) naar de opstanding van Jezus. Zelfs dat verandert mensen niet. Jezus is gekomen, niet voor gezonde mensen die altijd winnen, maar voor de losers. Hij trekt op met hoeren en tollenaars, melaatsen en blinden, de stakkers van het land.

Naar overzicht werkvormen

www.jop.nl maakt gebruik van cookies.
De website van de Jop gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen.