Werkvormen voor
jouw jeugdwerk

Huiselijk kerstgevoel

Naar overzicht werkvormen

Rollenspellen over Kerst in de jaren zeventig en Kerst nu met verwerkingsvragen

 

Kerst wordt in Nederland meestal ‘onder elkaar' gevierd. Het is een echt familiefeest, dat meestal sfeervol en gezellig is, maar soms zijn de verschillen in mingen tussen generaties voelbaar. In deze rubriek geven we twee scènes die een discussie op gang kunnen brengen over de verschillen in het vieren van ‘Kerstfeest toen en nu' en over de verschillen in opvattingen tussen generaties.

SCÈNES: ‘TUSSEN TOEN EN NU'

I. Toen (jaren zeventig)
Marjan rood hoofd, schort voor, twee schalen in haar handen: Ja zeg, hebben jullie de tafel nu nog niet gedekt? Moet ik dan alles zelf doen? Ik sta al twee dagen in de keuken en dat wordt heel normaal gevonden maar als ik jullie vraag een paar minuten op te geven om de tafel te dekken, dan is dat teveel gevraagd!
Ben: Nou mam, niet zo aangebrand doen, We zitten midden in een rondje menserger-je-niet, dat mogen we toch wel even afmaken ...
Joop sussend: Dat maken we straks wel af jongens. Komop, laten we je moeder even helpen.
Marjan loopt mopperend met de schalen terug de keuken in.
Joop: Ruikt goed, schat ...
Irma: Waar blijft oma eigenlijk? Ze had er toch allang moeten zijn ...
Ben: Die zit nog vast in de kerk. Die kerstzangdiensten duren altijd uren. En maar zingen van engelenkoren ...
Joop: Niet zo spotten, Ben. Oma is gehecht aan die liederen. Daar leeft ze van, dat weet je. En trouwens, ik vind ze ook heel mooi. Jullie zouden eens wat meer respect moeten hebben voor de traditie.
Irma: We zijn vanmorgen toch mee geweest naar de kerk. Eén keer is wel genoeg, hoor. Te veel kerstpreek doet een mens zweven ...
Marjan: Alles is gaar. Is oma er nog niet? Jouw moeder komt ook nooit op tijd zeg. Mag ze hier eten met Kerst, bederft ze het nog door te laat te komen. Volgend jaar gaat ze maar naar haar andere kinderen...
Joop: Lieverd, denk aan je kerstgedachte. Ze komt heus wel. Misschien is het spekglad buiten.
De bel gaat.
Irma: Daar is ze! Ik doe wel open.
Oma komt binnen, met sneeuw onder haar schoenen waardoor Marjan boos naar haar pas gezogen vloer kijkt.
Oma: Dag engeltjes van me! Een vredig kerstfeest gewenst. Geeft haar zoon en Ben een zoen. Het was toch zo'n mooie zangdienst! Het mannenkoor zong als nooit tevoren. ..
Ben: 'En voor de mensen een welbehagen', dus ik zou zeggen: ga lekker zitten, omaatje. Zal ik je tas even wegleggen?
Oma: Nee, nee. Die houd ik liever vlak bij me. Dank je wel hoor, jongen.
Marjan: Je weet toch dat oma liever alles voor zichzelf houdt, Ben.
Joop: Laten we maar gauw gaan eten. Alles was toch klaar Marjan? Zal ik even helpen om de laatste schalen te pakken? Duwt Marjan richting de keuken en sist in haar oor: We zouden het gezellig houden!

II. NU
Ben: We hadden toch die andere kerstboom moeten nemen. Moet je zien, de halve boom is al uitgevallen ...
Josien: Stel je niet zo aan. We hadden afgesproken dat Bas hem zelf mocht uitzoeken en hij wilde nou eenmaal deze.
Irma: Wat schattig! Heeft Bas hem helemaal zelf uitgekozen? Hij is pas twee maar wat kan ie al veel hé!
Ben: Een vrije opvoeding noemt Josien dat. Een vrij vieze parketvloer, zou je ook kunnen zeggen ...
Josien: Ha ha, leuk Ben. Oh kijk, daar komen je ouders aan. Als ze maar niet weer zo belachelijk veel cadeaus hebben meegenomen ...
Irma: Zolang ik een nieuw mobieltje krijg, hoor je mij niet klagen. Ik doe wel open.
Marjan en Joop komen binnen. Joop draagt twee plastic zakken vol cadeautjes.
Marjan: Vergeet de rest niet te pakken, Joop ... Zo en waar is mijn kleine manneke? Basje, kom eens bij oma!
Josien: Nog meer?
Ben: Ach schat, trek het je niet aan. Die ene keer in het jaar ...
Josien: Ik Wil niet dat mijn zoon omkomt in de cadeautjes en niet weet waar het met Kerst eigenlijk om gaat. Zo geven we hem toch niks mee?
Irma: Nou, niks ... Drie zakken cadeautjes, ik denk dat twee zakken voor hem zijn, dus helemaal met lege handen staat hij niet ...
Josien: Ik ga de patat in de friteuse gooien.
Joop Komt binnen met de laatste zak cadeautjes: Zo, zal ik het hier maar neerzetten? Wat een weer jongens. Nou nou nou.
Ben: Dag pap. Leuk dat je er bent.

Verwerking
De personen in de twee scènes komen voor een deel overeen. De zoon in het eerste deel, is in het tweede deel zelf vader.
- Verdeel de rollen. Je kunt ervoor kiezen de overlappende personages door dezelfde personen te laten spelen. Je kunt ook twee totaal verschillende scènes krijgen door andere personen te laten spelen.
- Speel scène 1uit. Hoe gaat het verder? Bedenk met elkaar een vervolg op het spel. Wat voor problemen kunnen zich nog voordoen? Welke emoties komen/boven tafel? Speel het spel verder vanaf het einde (neem even twee regels terug). Doe  dit met de mensen die al speelden en doe het zonder verdere voorbereiding: improviseer de situaties.
- Speel scène 2 uit. Hoe gaat het verder? Laat ieder voor zich bedenken hoe het kan gaan. Dit wordt een inspringspel. We beginnen met één persoon die Josien speelt. Zij staat inde keu ken de patatjes in de friteuse te gooien en denkt hardop. Iemand springt in het spel en gaat met haar in gesprek. Weer een ander kan een andere rol op zich nemen en mee gaan spelen, totdat alle rollen-bezet zijn. Na één keer kun je dit nog eens proberen, maar dan met andere personen.
- Bespreek de scènes na. Wat valt op bij de twee scènes die zich in een andere tijd afspelen?

Naar overzicht werkvormen

www.jop.nl maakt gebruik van cookies.
De website van de Jop gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen.