Werkvormen voor
jouw jeugdwerk

Kerstmusical Tijdmachine

Naar overzicht werkvormen

Een mooie musical eindigend bij de stal van baby Jezus, ideaal voor een kinderkerstfeest.

Kerstmusical De Tijdmachine
Geschreven door Evelyne, Lize en Fieke

Rolverdeling

  • Verteller
  • Leeuw 1
  • Opa
  • Leeuw 2
  • Oma
  • Sem
  • Lieke
  • Elam
  • Mark 
  • Vrouw van Elam
  • Ikea 1
  • Jona
  • Ikea 2
  • Roodkapje
  • Ikea 3
  • Wolf
  • Robot
  • Maria
  • Jochebed
  • Jozef
  • Mirjam
  • Schaap 1
  • Herder 
  • Schaap 2

Liederen:

  • Lied 1: Als ik een grote jongen ben Solo's: Evelyne, Floor, Martine
  • Lied 2: Klussenblues Solo: Floor, Hanske, Lize
  • Lied 3: Klein klein kindje Solo: Mandy en Anneloes
  • Lied 4: Voor wie gelooft Solo's: Jet, Rinske
  • Lied 5: No-no-no-Noach Coupletten: Oudste groep
  • Lied 6: Jona Solo's: Nynke, Fieke
  • Lied 7: Zeg Roodkapje waar ga je heen? Solo's: Emile, Veere
  • Lied 8: Dag ster, grote ster Solo's: Elise en Lisanne, Thirza en

Scène 1: Tijdmachine
Oma zit te breien en opa leest de krant in de huiskamer van de familie
Avontuur. Mark en Lieke zijn zich aan het verkleden. Er ligt een stapel
kleren op de grond. Er staat ook een oude computer op het podium. Als
Mark een hele outfit aanheeft kijkt ze het publiek in alsof het een spiegel
is.
Verteller: Welkom bij de familie Avontuur. Mark en Lieke logeren bij Opa
en Oma. Daar staat een kist vol met oude kleren. Als je die aantrekt, lijk
je minstens twintig jaar ouder. Precies wat ze zoeken. Want jong zijn,
daar is echt helemaal niks aan.
Mark: En? Hoe oud zie ik er nu uit?
Lieke: 25.
Mark zet een andere pruik op
Mark: en nu?
Lieke: 30.
Mark: (zucht) Dit werkt niet.
Lieke: Heeey moet je deze pruik zien!
Lieke zet de pruik op
Mark: Woooow nu lijk je bijna 60!
Lieke pakt een oud jasje van de stapel.
Lieke: En zo?
Mark: Bejaard. Hoog bejaard.
Lieke: Nu jij nog. Misschien moet je een beetje moeilijk kijken. Met
rimpels enzo.
Mark trekt gekke bekken voor de spiegel (het publiek).
Lieke: Jaaaa haha, nu lijk je zeker 50!
Oma: 50, ik wou dat ik weer 50 was.
Opa: Of 25! Moet je je voorstellen.
Oma: Wat zou ik graag weer jong zijn.
Mark: Nou oma, daar is echt niks aan.
Lieke: Als je jong bent mag je nooit wat.
Mark: Precies!

Lied 1: Als ik een grote jongen ben

Lieke: Als ik een echte lady ben dan ken ik geen gevaar
Opa: Wel ik heb nog nooit een vrouw gezien met zo erg weinig haar
Lieke: mijn haren worden reuzenlang met hier en daar een krul
ik voel mij trots en int'ressant en flirt met elke knul
Opa: Denk maar niet dat ik je zo verwen
Lieke: Wacht maar af totdat ik groter ben
Mark: Niemand zegt doe dit, niemand zegt geef hier
niemand zegt laat dat, niemand zegt kom hier
Opa: Kom hier!
Lieke: ik doe gewoon wat ik graag wil, dat is nu net het verschil
Mark, Lieke en opa: Doe je best en zing nu met ons mee
uit volle borst en met een luide stem
volwassenen die tellen echt voor twee
Mark en Lieke: wacht maar of totdat ik groter ben,
Wacht maar af totdat ik groter ben
Wacht maar af totdat ik groter ben
Wacht maar af totdat ik groter ben
Oma: Het is verschrikkelijk om groter te zijn!
Opa: Afschuwelijk!
Oma: Als je jong bent, heb je energie voor 10.
Opa: En plezier voor 20.
Oma: Als ik weer jong zou zijn, dan ging ik reizen.
Lieke: Wij reizen ook niet!
Oma: Zucht. Als ik maar één dag weer jong zou kunnen zijn.
Opa: Wacht eens, ik heb daar laatst iets over gelezen.
Mark: Nee opa, niet weer!
Opa: Jawel, het stond in het krantje van Ikea. De jongmaakmachine.
Wacht...
Intussen loopt opa naar de computer.
Opa: Waar was het nou? Even kijk. Ja, hier!! Op de webshop. Je moet
hem alleen nog even zelf in elkaar zetten.
Oma: Zou het werken?
Opa: Er is maar één manier om daarachter te komen.
Op de beamer wordt een webshop geprojecteerd. Er is te zien dat opa
niet op de jongmaakmachine klikt, maar op de tijdmachine.
Lieke: Opa, je doet het niet goed!
Opa: Nee Lieke, opa weet heus wel hoe computers werken.
Mark: Maar opa, je bestelt de verkeerde!
Oma: Oh kinderen, opa is zo handig, maak je nou niet zo druk!
Lieke en Mark beginnen door elkaar te praten. Intussen komen twee
bezorgers van Ikea achteruit de zaal lopen met een groot pakket in hun
handen. Een derde bezorger heeft een steekkarretje bij zich waar de robot
opstaat.
Ikea 1: U had een pakketje besteld?
Opa: Ja, dat is snel!
Ikea 2: Nogal een groot pakket.
Ikea 1: We sjouwen ons een breuk.
Ikea 3: Letterlijk.
Opa: Oh eh sorry.
Ikea 1: Maar dat doen we graag voor een extra fooi.
Opa: Fooi?
Ikea 2: Het hoeft niet, u mag het ook zelf naar binnen tillen.
Ikea 3: Geen enkel probleem.
Ikea 2: Doen we helemaal niet moeilijk over, maar...
Ikea 1: We zijn hooguit bang voor uw botten.
Ikea 2: Ja het lijkt me onverstandig om op uw leeftijd nog zo'n zwaar
pakket naar boven de tillen.
Opa: Is het zo zwaar dan?
Ikea 1: Behoorlijk.
Ikea 2: Zeg maar gerust loeizwaar.
Ikea 1: Maar zoals we al zeiden, voor een klein bedrag.
Ikea 2: Zetten we het gewoon bij u binnen.
Opa: Wat is een klein bedrag?
Ikea 1: Ach wat zullen we zeggen.
Ikea 2: een eurootje of 50.
Ikea 3: Precies, een kleine fooi.
Opa slikt. Is even stil. Voelt even aan het pakket. Steunt, het is erg zwaar,
en pakt zijn portemonee.
Opa: Vooruit dan maar. Wat is dat eigenlijk?
Robot: Ik – ben – een – ro – bot
Opa: Jou heb ik niet besteld!
Robot: Gratis service. Hoort bij de machine.
Ikea 3: Geef de robot een opdracht en dat doet hij precies wat u wil.
De drie bezorgers brengen het pakket en de robot naar binnen.
Oma: Fantastisch! Uitstekend!
Lieke: Dit kan nooit goed gaan.
Opa: Geweldig. Ik ga meteen aan de slag.
Mark: dit gaat fouhout.
De bezorgers geven elkaar een high five en gaan er vandoor. Tijdens het
lied zet opa de tijdmachine in elkaar.
Lied 2: De Klussenblues
Hanske: Ik ben een echte klusjesman
Geef mij een plankie en ik maak er wat van
Hoewel ik nog niet alles kan
Toch ben ik een echte klusjesman
Lize: Hamer, nijptang, beitel en zaag
Ik houd van boren en ik timmer zo graag
Wipkip, klimrek, schommel en touw
Ik bouw een hele speeltuin voor jou
Floor: Het liefst zou ik de hele dag met mijn opa lopen zagen
En als ik dan iets niet goed snap
Al die machines, apparaten
Kan ik het mooi mijn opa vragen
Hanske, Lize, Floor: Ik ben een echte klusjesman
Geef mij een plankie en ik maak er wat van
Ook als ik nog niet alles kan
Toch ben ik de beste, oh
Toch ben ik de beste, oh
Toch ben ik de beste klusjesman
Opa: Nu alleen nog een druk op de groene knop.
Opa drukt op de knop maar er gebeurt niets.
Oma: Weet je zeker dat je niet de knop met het rode kapje moet hebben?
Opa: Nee, hier staat, de groene knop.
Oma pakt de gebruiksaanwijzing aan en draait deze om. Ze pakt de
stekker en doet deze in het stopcontact.
Oma: Zo.
Opa: Zullen we dan maar gaan?
Oma drukt op het knopje. Nog gebeurt er niks.
Robot: Ha – ha – ha.
Opa: Hij doet het niet, wat nu?
Robot: Ik druk op knop. Jij geeft opdracht.
Opa: Oke. Wij stappen in. Druk jij op de knop?
Mark en Lieke: Oh oooooh.


Opa en oma stappen samen in de tijdmachine. De robot doet de deur
dicht en drukt op de knop. De machine begint te wiebelen en komt tot
stilstand. Intussen wordt het podium verbouwd. Met een blauw doek
wordt een rivier gemaakt. Deze stroomt vanaf een verhoging, waarvoor
riet staat. Bij dit riet staan Jochebed en Mirjam met een mandje.

Scène 2: Mozes
Opa en oma lopen de tijdmachine uit. De robot blijft naast de
tijdmachine staan. Dan zien ze dat een Jochebed en Mirjam een mandje
in de rivier leggen. Intussen wordt er gezongen:

Lied 3: Klein klein kindje

Mirjam en Jochebed:
Klein klein kindje, je leven loopt gevaar.
Ik maak een biezen mandje, en morgen is het klaar.
Koor:
klein klein kindje, dit mandje wordt een boot,
daarmee moet je gaan varen, op leven of op dood.
Koor:
klein klein kindje, ik zet je tussen 't riet,
misschien gebeurt een wonder, dat de prinses je ziet.
Mirjam en Jochebed:

klein klein kindje, als de prinses jou vindt,
dan gaat je boot niet onder; je bent een koningskind.
Dan verzamelen de kinderen zich voor het podium, klaar om Egypte te
verlaten. Jochebed, Mirjam, opa en oma blijven op het podium staan.
Verteller: De eerste plek waar de tijdmachine hen brengt, is Egypte.
Mozes is geboren, maar alle baby jongetjes lopen gevaar. Zijn moeder en
zus leggen Mozes in een biezen mandje. Hij wordt gevonden door de
prinses en als Mozes groter is, bevrijdt hij het volk uit Egypte.

Lied 4: Voor wie gelooft
Als het koor inzet, loopt het een rondje door de kerk om weer terug te
komen bij het podium. Dit is de uittocht uit Egypte.
Jochebed en Mirjam: Vele nachten lang, klonk ons gebed in stilte door
Zongen wij een hoopvol lied zo vurig als de zon
Nu zijn we niet meer bang al volgt ons volk een moeizaam spoor
T’volk verzette bergen voor het wist dat het dat kon
Refrein:
Ooit wordt het wonder waar voor wie gelooft
Ons hoopvol vuur wordt nooit gedoofd
Verwacht dat wonder maar hef trots het hoofd
Geloof, dan is het wonder daar voor waar voor wie gelooft
Angst had ons verlamd want ons gebed leek onverhoord
Hoop was als een vogel die vervaagde in de mist
Nu is een vuur ontvlamd en moedig hoopvol stap ik voort
Spreek ik woorden waarvan ik niet wist dat ik ze wist
Refrein
Koor: Ashira l'Adonai ki ga'oh ga'ah.
Ashira l'Adonai ki ga'oh ga'ah.
Michamocha ba-elim Adonai
Michamocha nedar-bakodesh.
Nachitah v'chasd'cha am zu ga'alta.
Nachitah v'chasd'cha am zu ga'alta.
Ashira, ashira, ashira.
Refrein
Robot: Dit is geen jongmaakmachine. Dit is een tijdmachine.
Opa: Dat verklaart!
Oma: Wat een bijzonder verhaal is dat eigenlijk.
Opa: Ik ben benieuwd waar die machine ons nog meer kan brengen.
Vooruit, Robot!
Opa en oma klimmen weer in de tijdmachine. De robot sluit de deur en
drukt op het knopje. Deze begint weer te schudden. Als de tijdmachine
weer stilstaat, wordt het podium verbouwd. Er komt een hek met twee
leeuwen bij. Het mandje blijft in de rivier liggen.

Scène 3: Noach
Opa en oma klimmen uit de tijdmachine en zitten ineens in een hok bij
twee grommende leeuwen. Ze sluipen naar het deurtje en gaan er gauw
vandoor. Dan verliezen ze hun evenwicht en liggen op de grond. Achter
hen horen ze iemand lachen.
Man: Na 30 dagen op zee is het best leuk om eens een ander gezicht te
zien dan dat van mijn familie. Hoe komen jullie hier terecht?
Oma: Zijn we op zee?
Sem: Ja, dit is de ark. We waren zelf ook verbaasd dat er echt een vloed
kwam, gelukkig had pa de ark gebouwd.
Robot: De ark van Noach.
Vrouw van Sem: Maar nu weten we nog niet wie júllie zijn.
Opa: Ik ben opa. En dit is oma. Aangenaam.
Robot: Ro – bot.
Sem: Aangenaam. Sem.
Elam: Ik ben Elam. Hoe weten jullie dat mijn opa Noach heet?
Oma: De ark is beroemd! Er zijn liedjes over, we hebben er zelfs één
nagebouwd en natuurlijk de regenboog!
Elam: Wat is een regenboog?
Oma: Natuurlijk! De eerste regenboog komt pas als de aarde weer droog
is. Wacht, misschien kunnen we het jullie uitleggen.

Lied 5: No-no-no-Noach
Couplet 1 Oudste groep:
No-no-no-no-no-no-no-Noach luistert naar de Here God.
Hij moet zelf een ark gaan bouwen, al wordt hij daarvoor bespot.
Heel de wereld valt in 't water en belandt zo in de goot.
Als je niet meer naar God luistert, mis je God en ook de boot!
Couplet 2 Oudste groep:
No-no-no-no-no-no-no-Noach werkt hard door, het is al laat.
Want hij ziet de bui al hangen; ja, dit houdt hem van de straat.
Hij werkt niet op eigen houtje, vaak zoekt hij het hogerop.
Alles aan God toevertrouwen, is de spijker op de kop.
Refrein hele koor:
Want na regen komt er zonneschijn.
Er komt zegen met gehoorzaam zijn. (2x)
Couplet 3 Oudste groep:
No-no-no-no-no-no-no-Noach, brengt de dieren in de ark.
Samen met familie start hij een welvarend dierenpark.
Na een lange tijd van bouwen, lijkt het dan de hoogste tijd.
Als de Here God de ark sluit voelen mensen nattigheid.
Refrein
Couplet 4 Oudste groep:
No-no-no-no-no-no-no-Noach, dobbert maandenlang maar rond.
Na een jaar is alles droog en stapt hij weer op vaste grond.
Alle dieren gaan vertrekken, nieuwe tijden breken aan.
God staat echt voor zijn beloften, zie de regenboog eens staan.
(Refrein 2x)
Opa: Mogen we eigenlijk een rondje lopen?
Sem: Dat is te gevaarlijk met al de wilde dieren hier. Noach is net het hok
van de krokodillen aan het repareren.
Opa: Krokodillen? Die kunnen toch gewoon zwemmen?
Vrouw van Sem: Nou dat zeg ik dus ook al vanaf het begin, maar nee, de
krokodillen moesten zo nodig mee.
Sem: Maar wat als ze verdronken waren? Dan kregen wij de schuld voor
het uitsterven van de krokodil.
Vrouw van Sem: Alsof daar óóit iemand achter was gekomen.
Elam: Daar gaaaaaaan we weer.
Opa: Ik begin wel weer eens trek te krijgen. We moesten maar eens gaan.
Oma: Maar hoe komen we weer voorbij de leeuwen?
Vrouw van Sem: Laat dat maar aan ons over.
De vrouw van Sem, Elam en Sem leiden de leeuwen af. Opa en oma
sprinten terug de tijdmachine in en trekken de deur dicht. Als de deur
dichtslaat schrikken de leeuwen op. Ze sluipen naar de deur. Dan doen
opa en oma de deur open. Ze gillen hard, doen de deur weer dicht.
Robot: Ha – ha – ha. Mij geen opdracht gegeven.
Oma: Snel! Stuur ons weg!
De Robot drukt op de knop. De tijdmachine begint weer te trillen. Als de
tijdmachine stil staat, wordt het hek weg gehaald. Op de grond komen
een lantaarn, het mandje en een skelet. Op een muur komt groot 'help' te
staan.

Scène 4: Jona
Opa en oma stappen uit de tijdmachine. Ze kijken om zich heen. Ze halen
hun neus op en kijken vies.
Spannende pianomuziek of CD
Oma (bang): Hier zit een luchtje aan.
Opa (bang): Zeg dat.
Jona: Een vislucht.
Opa en oma gillen weer hard
Jona: Rustig, rustig! Ik bijt niet.
Opa: Wat doe jij hier?
Jona: Niks. Ik doe al een eeuwigheid niks.
Robot: Dat klinkt saai.
Jona: Zeg dat.
Oma: Waarom ga je niet weg dan?
Jona: Ik heb niet echt veel keuze. Nadat ze me van de boot geslingerd
hebben, werd ik zo opgeslokt. Ik kan nergens heen. Zie je dat skelet? Hij
kijkt me al de hele tijd aan alsof hij me op wil eten.
Robot: Jij bent Jona.
Jona: Jij komt me toch niet ook al vertellen dat ik naar die stomme stad
moet? Trouwens, haal me hier dan eerst maar eens uit. Als ik hier nog
lang moet blijven, dan verhonger ik.
Robot: Nineve.
Jona: Niet weeeeeer.
Opa: Maak je maar niet druk, van ons hoef je nergens heen. En trouwens,
na drie dagen wordt je toch weer uitgespuugd.
Jona: Hoe weet jij dat?
Robot: We komen uit de toekomst.
Jona: Zijn jullie tijdreizigers?
Oma: Ja, en we weten alles van je. Waarom ga je eigenlijk niet naar
Nineve?
Jona: Het is zo'n nare stad, maar als God me hier uithaalt, dan ga ik naar
Nineve.
Lied 6: Jona
Koor: Jona, Jona, ga naar Ninevé
Jona, Jona, ga naar Ninevé
Verteller: Maar Jona die zei
Jona: Nee.
Ik wil niet naar die nare stad
De mensen daar die kunnen me wat'
Verteller: Zei Jona en hij ging op pad
Tot hij een schip gevonden had
Dat voer naar Tarsis over zee
Maar niet naar Ninevé
Koor: Jona, Jona, ga naar Ninevé
Jona: 'Ik wil niet'
Koor: Jona, Jona, ga naar Ninevé
Verteller: Maar God ging met hem mee
Hij stuurde 't schip in een orkaan
En de mensen riepen 'Wij vergaan'
En ach, het lot wees Jona aan
Die zei
Jona: 'Ik heb wat doms gedaan
Ik wou niet luisteren naar Gods woord
Gooi mij maar overboord'
Koor: Plons!
Koor: Jona, Jona, ga naar Ninevé
Jona, Jona, ga naar Ninevé
Verteller: Maar daar zwom een vis in zee
Die lustte Jona al te graag
Drie dagen zat hij in zijn maag
Daar riep hij
Jona: 'Heer, U zij geloofd
Ik zal doen wat ik heb beloofd'
Verteller: En de vis zwom pijlsnel naar het strand
En spuugde hem aan land
Koor:Jona, Jona, ga naar Ninevé
Jona: 'Ik wil wel'
Koor: Jona, Jona, ga naar Ninevé
Jona: 'Ik ga al'
Koor: Jona, Jona, ga naar Ninevé
Jona: 'Ik ga naar Ninevé'
Opa: Hoog tijd voor ons om te gaan. Voordat we mee die vis uitgespuugd
worden. Trouwens, ik heb nog steeds trek.
Oma: Oh opa, vergeet die maag nou eens. Dit is veel te leuk. Mag ik nu
eens zeggen dattie op het knopje moet drukken?
Opa: Dat is misschien niet handig, ik heb de gebruiksaanwijzing gelezen.
Oma: Waar is dit knopje eigenlijk voor?
Opa: Nee oma, niet doen.
Oma: Druk op de knop met het rode kapje.
De robot drukt op het andere knopje. De tijdmachine begint te trillen. Als
deze stilstaat, worden alle decorstukken van de vis weer weggehaald. Het
mandje wordt uit de rivier gehaald. Dit wordt het mandje van Roodkapje.

Scene 5: Roodkapje
Verteller: Er was eens een lief klein meisje. Iedereen die haar zag hield
van haar, maar haar grootmoeder nog het meest. Ze gaf het meisje
allemaal cadeautjes. Bijvoorbeeld een mooi kapje van rood fluweel.
Omdat het haar zo mooi stond en ze niets anders meer wilde dragen, werd
ze Roodkapje genoemd.

Lied 7: Zeg Roodkapje waar ga je heen?
Koor: Zeg roodkapje waar ga je heen
Zo alleen, zo alleen
Zeg Roodkapje waar ga je heen
Zo alleen
Roodkapje: Ik ga bij grootmoeder koekjes brengen
In het bos, in het bos
Ik ga bij grootmoeder koekjes brengen
In het bos
Koor: In het bos wonen de wilde dieren
In het bos, in het bos
In het bos wonen de wilde dieren
In het bos
Roodkapje: Ben niet bang voor de wilde dieren
Ben niet bang, ben niet bang
Ben niet bang voor de wilde dieren
Ben niet bang
Wolf: 'k Zal wel zien of jij niet bang bent,
'k Zal wel zien, 'k zal wel zien.
'k Zal wel zien of jij niet bang bent,
'k Zal wel zien.
Koor: Pas maar op daar komt de wolf
Pas maar op, pas maar op
Pas maar op daar komt de wolf
Pas maar op...
Robot: Dit is geen Bijbelverhaal.
Stilte
Roodkapje: Eh. Nee.
Oma: Wat doe je dan in onze tijdmachine?
Roodkapje: Dat weet ik ook niet.
Wolf: Wij zijn maar een sprookje, zoals ik net al vertelde. Er was eens
een lief klein meisje, enzovoort enzovoort.
Roodkapje: Duhuh.
Wolf: Misschien is de tijdmachine gewoon kapot.
Roodkapje: Of je hebt op het verkeerde knopje gedrukt. Dat gebeurt vaak.
We krijgen ook veel bezoek van mensen met een jongmaakmachine.
Wolf: Wat ze hier komen doen, Joost mag het weten.
Roodkapje: Ja, we bestaan niet eens echt. We zijn een sprookje. Het is die
machine. Ze hebben een verkeerd knopje in de IKEA doos gedaan.
Wolf: Het is een knopje met een kapje erover, een rood kapje.
Roodkapje: Dus drie keer raden waar je komt als je op dat knopje drukt.
Opa: Ik zei nog zo, oma, doe het niet.
Oma: Nou dit is best een leuk uitstapje, of niet? Hoe vaak zie je nou een
sprookje van dichtbij?
Opa: Dat is waar. Maar zullen we nu weer naar de echte verhalen?
Oma: Nou, vooruit dan maar.
Opa en oma stappen in de tijdmachine.
Oma: Ik heb het gevoel dat we bij een heel bijzonder verhaal terecht
komen.
Opa: Ja, er hangt iets in de lucht.
Oma: Oh ja. Druk op de groene knop!
De robot drukt weer op de groene knop. De tijdmachine wiebelt. Als deze
stil komt te staan, wordt het mandje op een verhoging gezet.
Maria en Jozef komen binnenlopen. Maria wikkelt het kindje in doeken
en legt het in het mandje.

Scene 6: Baby Jezus
Opa en oma stappen uit de tijdmachine. Terwijl de verteller praat, jaagt
de herder de schapen het podium op.
Verteller:
En het gebeurde in die dagen dat Keizer Augustus zei dat alle mensen
moesten worden ingeschreven. Iedereen ging op weg naar de stad waar
hij vandaan kwam. Jozef ging van Nazareth naar Bethlehem, de stad van
David, omdat hij familie van David was. Daar ging hij zich inschrijven
met zijn vrouw Maria, die een kind verwachtte. In de herberg was geen
plaats, dus moesten Jozef en Maria slapen in een stal.
Toen zij in Bethlehem waren, geschiede het dat het kind geboren werd.
Maria bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene, wikkelde Hem in
doeken en legde Hem in een voederbak. Wees niet bang, de Redder is
geboren. Jezus, kind van God.
Ere zij God in den hoge. Vrede op aarde voor alle mensen.

Lied 8: Dag ster, grote ster
Refrein
Dag ster, grote ster! Voor wie twinkel jij?
Voor wie geef jij je twinkelend licht?
Dag ster, grote ster! Als ik naar je kijk,
krijg ik lichtjes in mijn ogen en een lach op mijn gezicht
Couplet 1 – Elise en Lisanne
Geef jij licht aan de wijzen? Help jij ze door de nacht?
Grote ster, ik zie je staan. Wijs jij ze hoe ze moeten gaan?
Refrein
Couplet 2 – Thirza en Beata
Geef jij licht aan de herders? Help jij ze door de nacht?
Grote ster, ik zie je staan. Wijs jij ze hoe ze moeten gaan?
Refrein
Couplet 3 – Sophie, Laura en Jenna
Geef jij licht aan de mensen? Help jij ons door de nacht?
Grote ster, we zien je staan. Wijs jij ons hoe we moeten gaan?
Refrein
Schaap 1: Meeeeehheee
Schaap 2: Watte?
Schaap 1: Mweeehhee
Schaap 2: Gebruik je woorden.
Schaap 1: Oh sorry.
Schaap 2: Nou?
Schaap 1: Ohja. Ahhh. Wat schattig.
Schaap 2: Dat was het? Dat wilde je zeggen?
Schaap 1: Ja, zo schattig!
Schaap 2: Zucht. Wat moet ik toch met jou?
Schaap 1: Zullen we dansen?
Schaap 2: Ik hou helemaal niet van dansen!
Schaap 1: Je vroeg zelf wat je met me moest. Ik hou zó van dansen.
Schaap 2: Ga jij maar weer gewoon mekkeren.
Schaap 1: Meeeeehhhhee.
Schaap 2: Meeeeeh.
Opa: Rare schapen.
Oma: Ja, Robot! Weg van hier!
De robot doet de deur dicht en drukt op de knop. De tijdmachine wiebelt.
Als deze stil staat, wordt de huiskamer weer opgebouwd.

Scene 7: Thuis
Oma: En zo kwamen we uit in de stal, bij de baby Jezus.
Opa: Wie had dat gedacht!
Oma: Alle mensen die we zijn tegengekomen, hebben geleefd voor Jezus.
Opa: Behalve Roodkapje dan.
Oma: En hun kinderen hebben kinderen gekregen en die hebben weer
kinderen gekregen. Toen zijn Jozef en Maria geboren. En Jezus. Zonder al
die verhalen, was dat nooit gebeurd.
Opa: Oma, als we weer jong zouden zijn, moesten we weer allemaal
avonturen beleven.
Oma: Ik word er wel moe van.
Lieke: Wouw, wat een verhaal.
Opa: Ja, echt een avontuur voor de familie avontuur.
Robot: Avontuur is voor jonge mensen.
Mark: Gaaaaaaaf, wat zullen wij voor vets gaan doen?
Lieke: Jaaa, wij zijn nog jong. We gaan op een mega avontuur!
Mark: Wie weet komen wij ook wel mensen van vroeger tegen.
Lieke: Zullen we op bezoek bij de opa's en oma's van Jezus?
Mark: Ja! Bij David!
Robot: Tijd om te gaan. Instappen!

Lied 9: Hij alleen
De God van Abraham, Isaäk en Jacob,
de God van Adam en Eva,
van Jozua en Job.
De God van David, Elia en Mozes,
de God van Esther en Jozef
daar vertrouw ik op!
(2x)
Refrein:
Want Hij alleen (Hij alleen)
en niemand anders (niemand anders)
Hij alleen (Hij alleen)
is de ware God!
(2x)
Hij heeft de hemel en aarde geschapen
en zijn volk uit de slavernij bevrijd.
Hij heeft geantwoord met vuur uit de hemel
en gaf zijn Zoon als verlosser voor mij.

Naar overzicht werkvormen

www.jop.nl maakt gebruik van cookies.
De website van de Jop gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen.