Werkvormen voor
jouw jeugdwerk

Pasen beleven

Naar overzicht werkvormen

Pasen, wat is dat nu precies? Iets met paaseitjes, een paashaas en een leeg graf? Met deze werkvormen ga je praktisch met kinderen aan de slag en op zoek naar de ware betekenis van Pasen!

Intro 1: Waar denk je aan bij Pasen?

Doelstelling: Het thema verkennen
Nodig: Pennen en papier, een flap-over en een stift
Tijdsduur:Vijf à tien minuten

Geef de kinderen pen en papier. Jij gaat woorden noemen, zij schrijven drie woorden op waar ze het eerst aan moeten denken. Om te voorkomen dat de kinderen alleen maar ‘kerkelijk correcte' antwoorden geven, noem je woorden zoals: brand, koelkast, muziek, bos, Pasen. Vervolgens inventariseer je wat iedereen heeft opgeschreven. Schrijf alle woorden die bij Pasen zijn genoemd op een flap-over. Ga de woorden af en vraag aan één van de kinderen waarom ze juist aan die woorden denken bij Pasen.

Intro 2: Waar denk je aan met Pasen?

Doelstelling: Op een creatieve manier het thema verkennen
Nodig: Papier en stiften
Tijdsduur: Vijftien minuten

Als je liever creatief bezig bent, doe dan deze intro in plaats van de vorige. Geef alle kinderen een A4-tje en stiften. Vraag ze om, als jij zo meteen een woord (Pasen) noemt, het woord waar zij gelijk aan moeten denken op te schrijven. Vervolgens vraag je ze om het woord dat ze hebben opgeschreven te onthouden en vraag je ze om hun blaadje om te draaien. Laat de kinderen nu tekenen wat ze hebben opgeschreven. Als iedereen klaar is (het is goed om van tevoren te zeggen hoe lang ze er ongeveer over mogen doen), laat je iedereen om de beurt zijn of haar tekening laten zien en de rest vertellen wat ze hebben getekend en waarom.

Paasverhaal vertellen 1

Doelstelling: Zorgen dat iedereen hetzelfde verhaal in gedachten heeft
Nodig: Het verhaal tot aan de kruisiging uit bijvoorbeel de Jeugdbijbel, de Samenleesbijbel, de Bijbel in Gewone Taal of de Kijkbijbel met platen (titel: "Op weg naar het Paasfeest")
Tijdsduur: Tien minuten

Misschien heeft het ene kind het paasverhaal al elk jaar gehoord, maar hoort een andere het deze week voor het eerst. Het is dus belangrijk om het paasverhaal door te nemen met elkaar. Lees het verhaal tot aan de kruisiging.
Lees het bijvoorbeeld uit de Jeugdbijbel, de Samenleesbijbel of de Bijbel in Gewone Taal. Om het beeldend te maken, kun je het verhaal lezen uit de Kijkbijbel.

Paasverhaal uitspelen 1

Doelstelling: Voelen hoe het moet zijn geweest
Nodig: Het paasverhaal op papier voor elke groep
Tijdsduur: Dertig minuten

De kinderen gaan het paasverhaal uitspelen. Bij meer dan vier kinderen, kun je groepjes van ongeveer vier kinderen maken. Zorg dat bij elk groepje leiding is om de kinderen te helpen met oefenen.  Het gaat erom dat ze het niet zomaar naspelen, maar tijdens het oefenen proberen te bedenken hoe het moet zijn geweest. Leg uit dat je, als je toneelspeelt, goed moet laten zien of je blij, boos, bang of verdrietig bent omdat het publiek het verhaal dan beter begrijpt. Lees het verhaal van tevoren nog eens met elkaar. Ga na welke ‘hoofdstukjes' erin zitten en probeer die uit te diepen:

  • Wat gebeurt er precies?
  • Wie speelden erin mee?
  • Waren ze boos, blij, bang, verdrietig?

Als je dat helder hebt, kun je gaan oefenen. Bij het oefenen komen dan vragen naar voren als ‘hoe ziet het eruit als je speelt dat je verdrietig bent?'. Het is de taak van de leiding om zulke vragen te stellen. De kinderen kunnen het dan voordoen en met elkaar oefenen. Als het oefenen klaar is, spelen de kinderen het toneelstukje voor de leiding of wanneer je meer groepjes hebt, voert elk groepje zijn toneelstukje op voor de rest.

Paasverhaal vertellen 2

Doelstelling: Zorgen dat iedereen hetzelfde verhaal in gedachten heeft
Nodig: Het verhaal van de opstanding uit een Bijbel. Eventueel animatie-video
Tijdsduur: Tien minuten

Met de kruisiging stopt het paasverhaal natuurlijk niet, daarom lezen we nu het tweede deel. 

Paasverhaal uitspelen 2: Na verwarring komt blijdschap

Doelstelling: Voelen hoe het moet zijn geweest
Nodig: Het paasverhaal op papier voor elke groep
Tijdsduur: Dertig minuten

Wanneer je bij het onderdeel Paasverhaal uitspelen 1 hebt gewerkt in groepjes, werk je nu met dezelfde groepjes. 
De kinderen spelen nu het tweede deel van het paasverhaal na.

  • Wat is de opstanding eigenlijk?
  • Hoe beeld je dat uit?
  • Stel dat je erbij was, hoe zou jij je voelen? Ben je gelijk blij of is het verwarrend? Geloof je het niet, net als Thomas?

Als je dat helder hebt, kun je gaan oefenen. Vervolgens voeren de kinderen het toneelstukje uit voor de leiding of voert elk groepje het toneelstukje op voor de rest.

Muurtekening maken 1

Doelstelling: Nieuw leven aan iedereen laten zien
Nodig: Grote vellen papier of een rol papier, kleurpotloden en viltstiften
Tijdsduur: Vijftien minuten

Leg, voor je aan deze werkvorm begint, uit dat Pasen ook met nieuw leven te maken heeft. Jezus is opgestaan uit de dood: nieuw leven! Als je iets verkeerd doet en je hebt er spijt van, vergeeft God je. Je mag het fout doen, God houdt van je en zegt dan dat je weer opnieuw mag beginnen. Dat is nieuw leven! De lente symboliseert dat, bomen worden weer groen, jonge dieren worden geboren en overal is nieuw leven te zien. Dat is een teken van God dat je altijd weer opnieuw mag beginnen. Daarom gaan we nieuw leven tekenen.

Rol de rol papier zo uit op de grond of op een tafel dat er voor ieder kind genoeg ruimte is om te werken. Iedereen maakt nu een tekening over nieuw leven, maar ze moeten ook samenwerken. Het is tenslotte één lang vel papier, dus het is de bedoeling dat het ook echt één tekening wordt. Elk kind bedenkt dus wat hij gaat tekenen en overlegt dit met zijn buurman/-vrouw. Vervolgens gaat iedereen aan de slag. Als de tekening klaar is, kan hij in de kerk worden opgehangen zodat iedereen kan zien dat het Pasen is. En dat er nieuw leven is waar je blij om mag zijn!

Muurtekening maken 2

Doelstelling: Paasverhaal tekenen
Nodig: Grote vellen papier of een rol papier, kleurpotloden en viltstiften
Tijdsduur: Vijftien minuten

Rol de rol papier zo uit op de grond of op een tafel dat er voor ieder kind genoeg ruimte is om te werken. Iedereen maakt nu een tekening van het paasverhaal, maar ze moeten wel samenwerken, anders krijg je niet het hele paasverhaal te zien. Voor ze beginnen, moeten ze dus eerst overleggen wie wat gaat tekenen. Vervolgens gaat iedereen aan de slag. Als de tekening klaar is, kan hij in de kerk worden opgehangen, zodat iedereen kan zien dat het Pasen is en hoe het paasverhaal in elkaar zit.

Afsluiting

Doelstelling: De bijeenkomst luchtig afsluiten
Nodig: Niets
Tijdsduur: Vijf minuten

Als je tikkertje doet waarbij je door een ander kind getikt kan worden zodat je weer mee kan doen, ben je eigenlijk even dood in het spel en tikt iemand je weer tot leven. Dat is fijn, want het is leuk als je weer mee mag doen. Daarom sluiten we af met tikkertje. Eén kind is de tikker, de rest kan getikt worden. Als je getikt bent, ga je op je hurken zitten. Als een andere speler op je hoofd tikt, mag je weer meedoen.

Naar overzicht werkvormen

www.jop.nl maakt gebruik van cookies.
De website van de Jop gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen.